Persbericht: Rogier van onderaf bekeken. Steeds meer parkings

Persbericht

21 augustus 2007 - Vorige week reikte het Brussels Hoofdstedelijk Gewest een milieucertificaat uit voor het uitbaten van de parkings die zich onder het Rogierplein bevinden. Groen licht dus ook voor de 147 extra parkings en een tunnelingang op het plein. Nochtans bestond er onder de verenigingen en bewoners die op 13 juli 2007 bij de gemeente Sint-Joost deelnamen aan de overlegcommissie over dit dossier een grote consensus over de onwenselijkheid van deze uitbreiding van het parkeerpark. Een bijkomend gevolg voor deze knieval voor de hegenomie van de auto is dat het certificaat de stedenbouwkundige ambities voor en de toegankelijkheid van het Rogierplein hypothekeert. Gewest laat zich ook op Rogier inpakken door hegemonie van de wagen

Hoe onzinnig deze uitbreiding is, blijkt uit het feit dat de onmiddellijke buurt van het Rogierplein reeds over een zeer uitgestrekt parkeerpark beschikt dat daarenboven niet eens de volle honderd procent in gebruik genomen is. Wie de onmiddellijke omgeving van Rogier even aftast op zoek naar parkeerruimtes en de som maakt, komt bij het getal 2969 uit. Daarvan blijft gemiddeld 20% in ongebruik . Het parkeerpark blijkt er nog groter te zijn als we er ook de privé-parkings van de aangrenzende bureaus bij rekenen (440 daarvan werden onder de nieuwe Rogiertoren aangelegd). Toch neemt het Gewest geen aanstoot aan een uitbreiding met 147 parkeerplaatsen. De schadelijke gevolgen zijn nochtans voor iedereen bekend: stijging van de verkeersdruk, hinder bij de in – en uitgangen van de parkings, geluidsoverlast, luchtvervuiling, enz. Van veel coherentie geeft het Gewest hier weinig blijk: het pleitte eerder voor een herstel van de leefbaarheid van het Rogierplein en beoogt tegen 2010 een daling van 20% van het verkeer in vergelijking met 1999 met het oog op het bereiken van het Kyotoprotocol . En nu laat het de uitbreiding van het parkeerpark toe. Zou het dan werkelijk nog nooit gehoord hebben van het aanzuigeffect dat zo’n ruimte heeft?

Het aanzuigeffect of het Brussels Gewest lijkt het maar niet te willen begrijpen: meer parkings betekent meer wagens.
Tijdens de overlegcommissie van 13 juli werd vooral gesproken over een ander luik van het dossier, het bovengrondse. Het ondergrondse luik werd daardoor geminimaliseerd. Het gevolg is niet fraai: de uitbouw van het parkeer- en dus wagenpark hypothekeert in belangrijke mate de filosofie die de ontwikkelaars van het bovengrond project nastreefden. Ze zouden er een obstakelloze voetgangerszone van maken die het plein haar sociale functie zou terug geven. Niet dus. De wagen heeft het nog steeds voor het zeggen. Zulks was laatst ook het geval bij een ander project dat dubbel zo groot was en op evenveel verzet stuitte van buurtbewoners en verenigingen: de megaparking naast het nieuwe NAVO-kwartier . In het NAVO-dossier legitimeerde men de uitbreiding van het parkeerpark met het argument dat er te weinig openbaar vervoer in de buurt was. Dat is nochtans volop in opbouw en zal waarschijnlijk operatief zijn voor de eindiging van de NAVO- werken. Rogier is een ander verhaal. Dit is een van de best voorziene zones wat openbaar vervoer betreft. Je hebt er trams, metro’s, bussen en treinen. Wanneer het Gewestelijk Ontwikkelingsplan aanzet tot het concentreren van kantoorgebouwen in de buurt van treinstations, is het net om pendelgedrag met de trein aan te moedigen. Door extra parkeerruimte te voorzien in zo’n regio ondermijn je het potentieel ervan om mensen aan te zetten tot een andere, minder schadelijke mobiliteit. Ook het potentieel van de verplichting om via een bedrijfsvervoerplan mensen minder met de wagen te laten rijden, lijdt onder de impulsen die het Gewest via deze goedkeuring geeft.

De administraties Bestuur Ruimtelijk Ordening en Huisvesting (BROH) en Leefmilieu Brussel BIM adviseert doortastend, Gewest trekt er haar neus voor op.
Het BROH en BIM somden de voornoemde elementen op die tegen de uitreiking van een certificaat pleitten en onderwierpen de mogelijke uitreiking van het certificaat aan de volgende maatregelen: - de parking moet beschikbaar blijven voor buurtbewoners en mag niet via abonnementen in handen komen van de werknemers van aangrenzende bureaus die reeds over eigen privé-parkings beschikken. - niveau -2 mag niet gebruikt worden voor de dubbele functie van parking en tentoonstelling - parkeerruimtes op de hellende vlakken en in het centrum van de spiraal moeten opgeheven worden - het gebruik van niveau -5 als parking enkel toelaten ’s avonds en tijdens het weekend Enkel de tweede maatregel werd in het definitieve advies weerhouden. Voor de andere voorstellen trok het Gewest haar neus op en liet zich hiermee nogmaals verleiden tot de populaire maar onjuiste opvatting dat de heropleving van een regio enkel kan door de parkeercapaciteit en de toegang ertoe te verhogen. Zou het nog lang duren voor een reeds lang geboekstaafde werkelijkheid er ook bij de beslissende administratieve instanties ingaat? Tal van studies tonen het ons: om de vitaliteit van een commerciële kern te vrijwaren, hoef je de toegankelijkheid ervan met de wagen niet te verhogen. De aangrenzende hoteliers zetten hun achterhoedegevechten uitgerust met stevige oogkleppen ongehinderd verder, want volgens hen hebben ze er alle baat bij dat wagens dichtbij kunnen parkeren en ook onmiddellijke toegang hebben tot de parking onder het Rogierplein, i.e. via een nieuwe ingang die over een strook loopt die nochtans volledig voor voetgangers werd gereserveerd. Gewest noch gemeente verzetten zich tegen deze positie en leggen het advies van BROH gezwind naast zich neer. Die laatste instelling wees uitvoerig op de nadelen die deze ingang zou opleveren voor de voetgangers, terwijl er eigenlijk al voldoende ingangen elders zijn. Bral en IEB zullen blijven herhalen dat een aantrekkelijke stad er een is waar men even kan uitblazen. Niet alleen tijdens een autoloze zondag, maar het hele jaar lang. Stedenbouw staat volgens ons ten dienste van de bewoners en gebruikers van onze steden. Als de extra parkings en de ingang ertoe over de voetgangersstrip er uiteindelijk komen is dat het gevolg van een zoveelste stap in de verkeerde richting, één die de leefbaarheid van onze hoofdstad meer en meer ondermijnt. Het wordt tijd dat het Gewest rekenschap geeft van de gevolgen die haar beslissingen heeft.

Contacten:
Bral vzw: Maarten Roels - 02/217.56.33 - maartenroels@bralvzw.be
IEB: Claire Scohier - 02/548.39.46 - claire.scohier@ieb.be