Duurzaam en ten dienste van de Brusselaars? (2 jaar Picqué IV)

Voor alle 13 thematische regeringsfiches, klik hier.

We zijn twee jaar na de gewestverkiezingen. Zes Brusselse partijen sloten kort daarna een ambitieus akkoord voor de regeerperiode tot 2014. Tijd voor een Bral-stand van zaken. Kan de Brusselse regering haar ambities waarmaken? Evolueert Brussel naar een – dixit het regeerakkoord - duurzame stad ten dienste van de Brusselaars? Of is het nog steeds ‘business as usual’?

Deze regering plant graag. Het Iris 2-plan (mobiliteit) is afgerond en het– houw u vast! -  voetgangers-, water-, energie-, klimaat-, lucht- en natuurplan zijn onderweg.Plannen maken is goed, goede plannen nog beter, ze op mekaar afstemmen en uitvoeren is uiteraard het beste! Maar het grote project van deze regering is het Gewestelijk Plan voor Duurzame Ontwikkeling (GPDO/PRDD). Bij het begin van elke legislatuur is het aan de nieuwe regering om te bepalen of er een nieuw Gewestelijk Ontwikkelingsplan (GewOP/PRD) moet opgemaakt worden. Het vorige GewOP dateerde al van 2002. Dankzij de groenen in de regering werd het geen ‘gewoon’ GeWOP, maar een Duurzaam GewOP, een D-GewOP dus, voortaan ‘het GPDO’.

De regering stelde met de opmaak van ervan te beginnen bij aanvang van de legislatuur. Het duurde echter al meer dan een jaar om de huidige stand van zaken op te maken en de methodologie uit te werken. Dit terwijl alle Brusselse actoren toch al een stevige opwarmer hadden gekregen met het proces van de Staten-Generaal van Brussel. Het middenveld stond klaar, maar de regering liet anderhalf jaar niets van zich horen.

Het Demografisch Excuus

In de beleidsverklaring stond ook dat eerst het Gewestelijk Bestemmingsplan (GBP/PRAS) zou aangepast worden. Dit om de inplanting van de grote uitrustingen in het kader van de internationale ontwikkeling van Brussel mogelijk te maken. Na goedkeuring van het GPDO zou het GBP opnieuw hervormd worden om, indien nodig, de doelstellingen van het GPDO vast te leggen. Volgt u nog?

De opmaak van het GPDO was amper gestart, toen de regering eind januari 2011 besliste om het GBP te wijzigen. Het zou een uitgebreider herziening worden dan oorspronkelijk aangekondigd. Want eerst en vooral is dat GBP een afstemming op het Plan voor Internationale Ontwikkeling (PIO/PDI). Dat PIO – we kunnen het niet genoeg herhalen –  is niets meer dan een andere beleidstekst die nooit aan een publieke discussie is onderworpen. De wijziging moest ook een antwoord bieden op het nijpend woningtekort.

Die tweede reden is uiteraard goed en nobel maar ook een beetje vreemd. Want we stellen vast dat het gewest er ondanks de beschikbare middelen sinds 2004 niet in slaagt om haar eigen Huisvestingsplan (Plan de Logement) te realiseren. De kansarme bevolking is hiervan het grootste slachtoffer. Dus moeten er vooral publieke en, meer nog, sociale woningen bijkomen. Volgens ons is er eerder nood aan een grotere efficiëntie van de overheid, om het Huisvestingsplan uit te voeren en om de bestaande sociale woningen te renoveren.

Een nieuw GBP voor de privé

In tegenstelling tot het faciliteren van deze inhaalbeweging in sociale huisvesting, of van de bouw van scholen, crèches en andere lokale publieke voorzieningen voor de Brusselaars, lijkt het ‘demografische’ GBP – zo heet die aanpassing dus - eerder gericht op de privé-investeerders. Woningbouw door de privé is op zich een goede zaak, maar het is weinig realistisch dat dit zal bijdragen tot een oplossing van de wooncrisis voor de kansarme bevolking. Tenminste wanneer er geen begeleidende maatregelen komen, zoals huurprijscontrole of de verplichte norm van 20% sociale huisvesting bij privé-woonprojecten.

Bovendien wil het nieuwe GBP de weg vrijmaken voor privé-investeringen in een shoppingcenter, een concertzaal en een congrescentrum. Hoe zal de ontwikkeling van Delta (Europese Commissie) bijdragen tot een duurzame ontwikkeling van Brussel voor de Brusselaars? Hoe zal dit helpen in de strijd tegen de dualisering? En zal een congrespaleis op de Heizel binnen pakweg vijftien jaar nog zinvol zijn als energieprijzen vliegen onbetaalbaar maken?

Ateliers voor de show?

Onder de noemer “prospectieve ateliers” zijn het middenveld, administraties, kabinetten,  en pararegionalen vandaag verwikkeld in het participatief proces van de opmaak van het GPDO. De resultaten van deze ateliers zijn een van de elementen waarop de regering zich zal baseren voor de opmaak van het GPDO/PRDD.

Bal geeft het proces vandaag nog het voordeel van de twijfel. Ondanks de vele vraagtekens bij het engagement van de regering ten opzichte van dit PRDD, kunnen de resultaten van de ateliers wel eens interessant worden.

De discussies gaan zeer breed over alle thema’s die Brussel aanbelangen, maar er wordt wel gestreefd naar een coherente langetermijnvisie. De strijd tegen de dualisering wordt besproken en de overtuiging groeit dat we vooral moeten investeren in de mensen (vorming en tewerkstelling) en in betaalbare huisvesting. Het besef groeit ook dat op termijn een aantal productieactiviteiten kunnen terugkeren naar West-Europa vanwege de stijgende energieprijzen. De meeste deelnemers zijn dan ook gewonnen voor stimulansen voor een nieuwestedelijke industrie die zoveel mogelijk in kringloop werkt. En het valt op dat iedereen ervan overtuigd is dat in de toekomst de auto een marginale rol moet spelen. En dat het stedelijk weefsel moet verdichten, maar tegelijk sterk moet vergroenen.

En dan nu: afdwingen aub!

Laat het duidelijk zijn dat dit belangrijk werk geen dode letter mag blijven. Eén van de vereisten daarvoor is de vertaling van het richtinggevend ontwikkelingsplan in een wel afdwingbaar GBP/PRAS. Andere elementen zijn juridische en financiële maatregelen en vooral een coherent beleid van de héle regering. De regering moet zichzelf de middelen geven om samen met alle andere actoren – overheid en privé – het GPDO uit te voeren. En alleen maar aan het GPDO.

Als de regering verder gaat met de wijziging van het GBP zonder de nodige linken te leggen met het (gestarte) visiewerk in het GPDO, dreigt de geschiedenis zich te herhalen. Want zonder langetermijnvisie op Brussel ligt de weg open voor speculatie en ad hoc stedenbouw, waarbij de overheid de weg effent voor wilde privéprojecten.

Grote en complexe uitdagingen zoals demografische groei en dualisering verdienen de nodige reflectie. De regering had de ambitie Brussel duurzaam te ontwikkelen. The time is now. Laat Brussel niet over aan de marktspelers door nu al bestemmingen van grote zones te wijzigen. Eerst het GPDO, dan het GBP. 

An Descheemaeker

Coördinatrice Bral